DOORDROMEN MET THE E STREET BAND

door: Patrick Donders
Ik stond er een beetje versteld van. Doet Bruce Springsteen eindelijk eens echt wat anders - The Seeger Sessions, daar doel ik op - beginnen de fans te roepen om de E Street Band. Zeker nadat Live in Dublin in de winkels lag. Alsof ze het folkavontuurtje eigenlijk maar niks hadden gevonden en terugverlangden naar The Rising?
Dat schreef Bart in zijn recensie over Magic. En ja, Bart heeft gelijk. Wij Springsteen-fans zien hem het liefst omringd door The E Street Band. Dat heeft zo zijn redenen en die hebben niet zo veel met The Rising te maken, meer met Lucky Town en Human Touch. Dat Bruce, ik vind dat ik zo af en toen eens alleen zijn voornaam mag gebruiken, solowerk maakt is algemeen geaccepteerd en als je het gehele oeuvre nauwkeurig bekijkt dan is er eigenlijk alleen maar solowerk maar als Bruce rockt dan moet hij dat met de E Street Band doen en niet met een bij elkaar geraapt groepje sessiemuzikanten. En als hij zich wil uitleven door los te gaan op oude folkliedjes dan moet hij dat vooral doen, maar niet te lang. Ik vind The Seeger Sessions een uiterst vervelend werk, het concert in Ahoy was overweldigend en daarom is het hem vergeven maar ik heb met twee handen in de lucht staan juichen toen Magic werd aangekondigd als volwaardig.
Toch is er meer aan de hand. Het gaat verder dan de muziek, het is bijna mystiek. Het is de sfeer, de magie, de droom, vooruit, het aura dat om de groep hangt. De vriendenclub, samen opgegroeid, samen geploeterd, samen arm geweest en samen rijk geworden. Een groep waarvan je de individuen denkt te kennen. Op de VH1 dvd vraagt een fan of hij Bruce kent door naar zijn muziek te luisteren. De vraag wordt op heel veel websites verguisd. Wat een ontzettend domme vraag het wel niet zou zijn. Het is geen domme vraag. Springsteen en de club om hem heen wekken de sfeer op dat ze heel dicht bij de fans staan, dat ze zijn wie ze zingen. Dat ze met Wendy en Candy over de boardwalk hebben gelopen en de vieze lakens hebben gedeeld, dat ze de verlengde pubertijd in oude maar snelle auto ’s hebben doorgebracht en dat ze gedoemd waren dat te doen wat hun vaders met tegenzin deden. Natuurlijk beantwoordt Springsteen de domme vraag met “No”. Ik weet het, ik wist het en ik zal het altijd weten maar toch. Ik ben fan om de muziek maar ik ben ook fan van de sfeer. Ik ben stinkend jaloers dat ik niet met een groep vrienden muziek ben gaan maken en de wereld heb veroverd. Wie niet? Ik zou vaker de kameraadschap willen voelen die de E Street Band uitstraalt. Wie niet? En steeds als Bruce iets anders doet als dat hij moet doen, ben ik bang dat die kameraadschap verloren gaat. Dat de droom in elkaar dondert, dat het over is, dat het misschien nooit is geweest wat ik dacht dat het was. Daarom ben ik uitgelaten als ik hoor over een reünie die geen reünie mag zijn omdat echte vrienden nooit uit elkaar gaan. Ik ben zo godvergeten blij dat ik die trombone niet meer hoef te horen maar ik ben nog veel blijer dat de droom weer in ere is hersteld.
Magic is goed, heel goed. Op dat waardeoordeel zat u, na bovenstaand relaas, net te wachten. Het heeft ook geen zin om te roepen dat Magic ergens tussen Born In The USA en The Rising flaneert, dat het de onbevangenheid van The River laat zien door de geleefde ogen van Devils And Dust. Ik roep het toch en het aller- , allerhardst roep ik dat Magic heel, heel anders is als The Seeger Sessions, godzijdank.