VERPLICHTE BOEKENLIJST
Door Jan The Lazyman

Ik was een beetje geschokt als muziekliefhebber om te horen dat soortgenoten sommige rock ´n roll boeken niet hebben gelezen. Natuurlijk kun je niet alles lezen en soms vergeet je er een paar, maar er zijn er bij die vallen onder de noemer verplicht leesvoer vallen.
This Wheel’s On Fire bijvoorbeeld, geschreven door Levon Helm en Stephen Davis. De twee vertellen op een mooie manier over de op komst en einde van The Band, en de glorieperiode daar tussenin. Je leest dit boek in één adem uit. Je hebt dan ook het gevoel dat je het avontuur zelf een beetje mee maakt.
Ik ben verder gaan zoeken naar boeken, die ditzelfde gevoel gaven en dat is niet zo makkelijk. Natuurlijk zijn er aardige boeken bij, maar er blijkt ook een hoop pulp tussen te zitten.
Bob Dylan heeft meegewerkt aan Chronicles Volume 1 en dat is ook zo’n boek dat je in huis moet hebben. Deze man blijft een verhaal apart. Dylan staat niet echt open voor de journalistiek, maar hier krijg je een eindelijk de dingen te lezen die graag je wil weten. Een ander boek over Bob Dylan is Down the Highway dat een goed overzicht geeft over zijn leven.
Af en toe een pulpboek is natuurlijk ook leuk. Zo had je Albert Goldman die met zijn boeken leugens tot waarheid probeerde te verkopen. Het was erg vermakelijk te ervaren hoe schrijvers dit kunnen. Het boek over Elvis heb ik lachend uitgelezen en er nog lang plezier van gehad. Hier had de Privé veel van kunnen leren en misschien is het wel hun bijbel. [
Het boek wat me het meest ontroerde was een biografie over Rory Gallagher geschreven door de Belg Jean-Noel Coghe. Natuurlijk begint het boek met de opkomst van deze Ierse gitaarheld en zijn gloriejaren. Maar tussen de regels door ontdek je hoe eenzaam deze geniale gitaarspeler/zanger was. Vaak onderschat als liedje schrijver en een verslaving aan pillen tegen vliegangst gecombineerd met alcohol. Het einde van dit boek doet je een dikke keel krijgen en ik ben nog meer van deze artiest gaan houden.
Boeken over muziek zijn vaak te snel en vertellen alles wat je al weet. Over de Beatles of de Stones bijvoorbeeld is al zoveel geschreven dat je nieuwe boeken niet meer koopt of leest. Maar toch, over The Beatles is een leuke serie verschenen en die komt van het Engelse tijdschrift Uncut en heet de Beatles Box. Vier boeken over alle vier de bandleden, geschreven door Alan Clayson. The Man Called CASH is natuurlijk een must om te lezen. Na de film, die ik niet echt zo bijzonder vond, is het geschreven woord toch het mooist.
Het boek over Neil Young heet Shakey waar hij zelf aan meewerkte. Jimmy Mcdonough heeft Neil Young geïnterviewed en heeft een mooi werk ervan gemaakt over Neil Young´s kronkels. Soms is het schokkend te lezen hoe gestoord zijn leven is met allerlei gekken eromheen. Het zogenaamde hippieleven was een gevaarlijk wereldje. Bij het uitkomen wilde de zanger het opeens verbieden, kennelijk omdat hij wel erg veel had prijsgegeven. Het is goed dat het uit is, want ook dit boek houd je bezig tot de laatste bladzijde.
Dan is er nog een boek over Crosby, Stills Nash & Young van oud-drummer Dallas Taylor. Een boek vol sex, drugs and rock and roll. Prisoner of Woodstock laat zien hoe gestoord deze gasten waren. Het overkwam tal van ariesten, maar deze vier redden zich eruit. Ook Taylor heeft het overleefd, zij het met een nieuwe lever. Het verhaal is hetzelfde als dat van David Crosby’s Dejavu en dan bespeur je hoe betrekkelijk het beroemde muzikantenleventje is.
Steve Earle´s Hardcore Troubadour handelt ook over overleven en weer terugkomen in de realiteit. Drugs en alcohol leveren vaak een mooi verhaal op, inclusief verslavingen, gevangenis en bijna dood-ervaringen. Het maakt het leven van muzikanten of andere bekende mensen tot een interessante wereld.
Ook een aanrader in algemene zin dan, Mijn Muziek, van Jan Donkers, die onder andere schrijft over Slobberbone. Het is tevens een boek over de liefde voor muziek. Een exemplaar van Mijn Muziek hoor je dan ook in huis te hebben.
Selectieve Discografie:
Shakey (Biography over Neil Young) - Jimmy Mcdonough
This Wheel’s On Fire (over The Band) - Levon Helm & Stephen Davis
HellFire (Biography over Jerry Lee Lewis) - Nick Tosches
Chronicles Voume 1 - Bob Dylan
Rory Gallagher, biography - door Jean-Noel Coghe.
Mijn Muziek - Jan Donkers
Prisoner Of Woodstock - Dallas Taylor
Riding Shotgun over Rory Gallagher) - Gerry McAvoy.
Dear Boy (biography over Keith Moon) - Tony Fletcher.
The Man Called CASH - Steve Turner
Boeketreeks deel 2.153:
In de hemel van het truckerscafé
Door Patrick Donders

Bart schreef ooit zo’n spannende recensie over The Southern Rock Opera dat ik direct naar de dichtstbijzijnde platenzaak ben gerend om de cd aan te schaffen. De opwinding die ik hoopte te voelen bij de eerste luisterbeurt voelde ik ook. Drive-by Truckers en ik, het was liefde op het eerste gezicht. We kregen de weken daaropvolgend flinke verkering. Heb me helemaal schraal gezoend aan The Southern Thing en Ronnie And Neil. Er waren dagen dat ik aan niks anders dacht dan aan de Truckers. Decoration Day kwam uit en de nummers daarop waren misschien nog wel beter. Het bevestigde onze liefde en bezegelde onze verkering. De echte opwinding wel was verdwenen. Zo gaat dat nou eenmaal met liefdes, maar alles wees er op dat dit voor altijd zou zijn, tot de dood er van schijt.
Blue Highways 2004 zou het moment zijn waarop ik mijn lief voor het eerst aan het werk zou zien. Ik was zenuwachtig, gespannen en zo opgewonden als een Friese staartklok. Zelden ben ik zo bedrogen. De Truckers speelden zo verschrikkelijk hard dat alle subtiliteit, waar ik zo verliefd op was, uit de muziek was verdwenen. Mijn aanstaande was tijdens onze eerste ontmoeting ijskoud, ongeïnteresseerd en volgens mij zo stoned als een muur. En slecht, vooral heel erg slecht. Het voelde alsof ik de slaapkamer binnenliep en getuigen was van een vrijage waar ik helemaal geen getuige van wilde zijn. Bedrogen ! Na drie nummers ben ik de kleine zaal van Vredenburg uitgelopen richting het toilet om daar eens een flink potje te kunnen grienen. De teleurstelling was zo groot dat de liefde in die paar minuten helemaal was bekoeld. Over en uit.
Heb The Dirty South en het nieuwe A Blessing or A Curse nooit gehoord. Geen behoefte.
Vorige week speelde Drive-By Truckers in de Helling te Utrecht. Vrienden hadden kaartjes gekocht, ook voor mij. Kon ik de slet weer eens gaan bekijken. Horen wat er nog over was na twee jaar algehele onthouding. Het viel niet mee. De brij aan gitaargeweld, beukende drums en stoere zang was goed maar het pakte niet, het bleef niet plakken, het schoot geen wortel. Het deed me niks. Of in ieder geval: het deed met te weinig.
Als de hoogtepunten van The Southern Rock Opera voorbij komen, loop ik naar de bar. Patterson Hood begint aan Ronnie And Neil en ik bestel 4 bier. Doe me misschien wel stoerder voor dan dat ik in werkelijkheid ben en hou me misschien wel groot maar echt veel moeite hoef ik daar niet voor te doen. Het reguliere concert is afgelopen en we nemen er nog twee.
Dan begint de toegift en ik heb geen idee hoe het komt maar voor ik het weet sta ik met twee handen in de lucht, maak het mosh teken met de vingers aan mijn rechterhand en drink snel het glas leeg in de andere hand zodat ik optimaal kan meeklappen. Kijk om me heen en het blijkt dat ik niet de enige ben die los gaat. De band speelt wat losser, zoekt contact met het publiek en gooit er een paar loeiharde gitaarsalvo’s uit. Het werkt aanstekelijk. Het maakt me niet uit welke nummers ze spelen. Dit zijn de Truckers zoals ik ze graag hoor.
Net als ik het warm begin te krijgen is het afgelopen. Dat is jammer maar ik ben zeker drie kwartier weer in de hemel van het truckerscafé geweest. Dat is veel waard, heel veel zelfs. Niet dat ik nu direct weer verkering ga vragen maar wil wel een paar keer zweterige sex om te kijken of er nog wat kan opbloeien. Komt wel goed, denk ik.
Zeke Hutchins
is de drummer in de band van Tift Merritt en van de formatie
Stillhouse. Beiden spelen op 22 april op Blue Highways. In 2002
was Hutchins ook van de partij, toen Merritt debuteerde in Nederland.
Hanx mailde met de drummer.
What can you remember of the appearance in 2002?
"Tift doing her first major press on foreign soil was very
exciting for us. I remember the beautiful tulips and the grandiose
market right outside of our hotel. Beautiful women on bicycles
and Jaap's (Hindriks, red.) fabulous moustache."
Can you tell the story behind Stillhouse? Is it a sideproject?
Or more serious? I ask this because you also play the drums
in Tift's band.
"Stillhouse was pretty much Tift's original backing band.
We also backed up Sarah Lee Guthrie and Johnny Irion, and when
time permitted, we played shows ourselves and did our own material,
most of which was written by Dave Wilson. eventually Johnny
Irion joined up with us and played when he could. We finally
got around to recording the record "through the winter"
while Tift was making her latest record "TAMBOURINE."
So yes, it is more of a side-project, while our priorities remain
with Tift, Sarah Lee and Johnny, and Chatham County Line. But,
we are serious about what Stillhouse is, and it is being serious
about having a good time making music with some of your best
friends in the world. And when you are doing that, good things
tend to happen.
It will be a North-Carolina show on april 22 with Caithlin
Cary, Stillhouse, Tift Merritt and Tadd Cockrell. Maybe we can
expect more artists from North Carolina?
"Possibly, I am not sure who all will be there from North
Carolina, but we are friends of everyone you mentioned above
and we have all played and sang on each other's records for
quite some time now. It should be a great day of music. We are
all pretty excited."
How much has life changed since the breakthrough of
Tift Merritt?
"Life is busier, but I think that has as much to do with
the resonsibilities of an adult as it does our successes. We
are home a lot less, and believe it or not the business side
of things tends to be harder even though the success greater.
The best thing it has done for me... is that it has enabled
me to spend time on other musical projects that I care a whole
lot about when I get off of the road. Instead of spending time
finding a job until the next tour, I am able to spend more time
making music, and that has been priceless."
Can we expect a new album of Tift in the near future?
"ABSOLUTELY. We are planning to record at the end of the
summer and release the record with Lost Highway JAN/FEB 2007.
And you can count on us spending more and more time in your
part of the world. We love playing and traveling throughout
Europe."
Maybe
you can mention some interesting new musical talents in North
Carolina.
"The Rosebuds, a new band on Merge Records just
made a beautiful pop record, Hotel Lights features Darren Jesse
(from the BEN FOLDS FIVE) a new band on BarNone Records. Kenny
Roby has a new record out. There is always good stuff coming
out of NC b/c there are colleges to support it, good record
shops and 3 very well known record labels within 20 miles of
each other: MERGE, SUGAR HILL, and YEPROC. We are very fortunate."
What artists are you listening to these days?
"B.B. King- Indianola Mississippi Seeds, Bettye Lavette's
new cd that Joe Henry produced, Feist, Neil Young-Prairie Wind,
My Morning Jacket- Z, Jason Collette, George Harrison, Bob Dylan
and Ry Cooder."
A
Long Lost Friend That Hadn’t Changed
Door
Patrick Donders

Eind jaren zeventig ging ik met mijn ouders en zusje op vakantie
naar Engeland, naar Land’s End, dat is helemaal “linksonder”
op de kaart, een enorme reis voor een jongen van een jaar of
9 uit een klein Brabants dorpje. Kan me nog veel heugen van
die vakantie: werd verliefd op een meisje dat 10 jaar ouder
was (zij natuurlijk niet op mij), smeed mijn tennisracket in
tweeën nadat ik op het hoteltoernooi verloor van een veel
te dikke jongen, hoorde verhalen over huizen die bewoond werden
door geesten en danste de Hocky Pocky.
Deze vakantie kreeg ook een soundtrack, en die werd bepaald
door de muziek die we in de auto, een kanarie gele Mercedes,
draaiden. Mijn ouders hadden namelijk een cassettebandje en
dat was Beautiful Noise van Neil Diamond. Ik moet dat ding wel
duizend keer gehoord hebben. Op de vraag “What’s
your first musical memory ?” kan ik dan ook met gepaste
trots antwoorden: Neil Diamond. Nou eigenlijk was het antwoord
meer “gepast” dan “trots”. Heb tenminste
jaren en jaren mijn liefde voor Neil Diamond’s muziek
niet uitgesproken. En “Neil Diamond’s muziek”
is een ook wat overdreven benaming voor dat gedeelte van zijn
oeuvre waar mijn liefde naar uitgaat. Dat loopt grofweg van
Hot August Night (1973) tot en met September Morn (1980). Niet
bewust maar als ik achteraf bekijk welke liedjes ik leuk vind
dan komen die allemaal uit die periode. Was me overigens wel
heel erg bewust van Diamond’s muzikale aftakeling die
zich na die periode afspeelde.
Veronica
zond midden (- eind) jaren 80 The Story Of-specials uit. Tijdens
het zien van de special over Diamond realiseerde ik me dat ik
naar een heel andere Diamond zat te kijken dan diegene die ik
kende, of wilde kennen. Zijn muziek werd jarenlang afgedaan
als muziek voor vrouwen die thuis het huishouden deden. Denigrerend,
maar meer voor die vrouwen dan voor de muziek want dat was een
kitscherige slappe hap geworden. Heb ook jarenlang tijdens discussies
over muziek DE naam maar niet meer genoemd. Wel tijdens mijn
studententijd (begin jaren 90) stiekem een Greatest Hits gekocht
en als enige in een volle bioscoopzaal hard gelachen om de scène
in Beautiful Girls waar een groepje vrienden in het plaatselijke
café samen komt rond de piano om gezamenlijk en vol overgave
Sweet Caroline te zingen. Onder vrienden durfde ik Neil Diamond
mijn “zwakke plek” te noemen. Ontstaan tijdens de
lange autorit van Riel naar het Zuidwesten van Engeland en terug.

En nu, 25 jaar later, is er 12 Songs. De titel is even
simpel als alleszeggend. Twaalf liedjes (vooruit veertien als
je de digipack-uitvoering hebt), “a funky old three-quarter
size Martin Guitar with an E minor chord that could break your
heart” en Neil Diamond. Veel meer is het niet, veel meer
moet het ook niet zijn. Zo’n half jaar geleden las ik
voor het eerst over de samenwerking van Rick Rubin en Neil Diamond
en voelde een lichte opwinding. Als iemand het beste uit Johnny
Cash kan halen door hem alleen maar te laten doen wat hij het
beste kan dan moet diegene dat bij iedere goede songwriter kunnen,
en dus ook bij Diamond. Na het horen van 12 Songs kan
ik slechts concluderen dat het inderdaad gelukt is, misschien
wel meer dan dat. Het is een prachtige cd geworden. Oh Mary
opent de hoogmis. Donker, sober, indringend, bijna een hymne.
De toon voor de hele cd is gezet. Speels maar serieus. Groots
in gebaar, klein in uitvoering. Daar zit hem de kracht, de power
en dat is blijkbaar precies wat de muziek van Neil Diamond nodig
heeft om overdonderend te zijn. Overdonderend als een ontmoeting
met “a long lost friend that hadn’t changed”.